Geschiedenis‎ > ‎

b. Achteruitgang en heropleving 1800-1952

Tussen 1800 en 1952 werd er meer en meer aandacht geschonken aan het gevoel en het verleden. De gilden kwamen vanzelfsprekend terug onder de aandacht en ze ontwaakten uit hun diepe slaap. Helaas, het uitbreken van de eerste wereldoorlog (1914-1918) riep een halt toe aan de heropleving van de gilden. Noodgedwongen uitgesteld was zeker niet verloren. Na 1918 zorgden de Kempische Congressen (sinds 1922) voor een vernieuwde belangstelling voor de schuttersgilden als oudste verenigingen van onze gewesten. Zij richtten niet alleen tentoonstellingen en colloquia in over de gilden maar startten bovendien met de organisatie van het Landjuweel der Kempische gilden van 1931 af.